Saoedi-Arabiëcrisis: Houthi-raketaanvallen leggen handel stil

De prins die dacht dat hij de woestijn had getemd

Saoedi Arabië, 15 oktober 2026, heeft het benauwd. Niet een beetje benauwd, maar het soort benauwd dat je voelt in je borst als de lucht dik wordt. Kroonprins Mohammed bin Salman, MBS, de man die met miljarden een nieuwe stad in de woestijn wilde tekenen en de wereld wilde laten geloven dat zijn land een soort Dubai op steroïden is geworden, wordt nu geconfronteerd met de rekening van een oorlog die hij tien jaar geleden zelf begon. Bloomberg kopte het droog: MBS Faces Houthi Menace in One of His Biggest Crises. En dat is precies wat het is. De Houthi’s, de beweging die hij in 2015 wilde verpletteren met straaljagers en een coalitie van bondgenoten, schieten nu terug. Hard.

De afgelopen week was raak. King Khalid International Airport in Riyadh, de belangrijkste luchthaven van het land, is drie dagen achter elkaar geraakt. Een aanval op zaterdag kostte zeker 13 levens en verwondde meer dan 300 mensen. Latere tellingen spreken over 18 doden en honderden gewonden. Honderden vluchten aan de grond, terminals beschadigd door brand en scherven, scholen dicht. Een dag later werd King Fahd Airport in Dammam geraakt. Het beeld dat Saoedi Arabië zo zorgvuldig heeft opgebouwd als veilige hub voor handel en toerisme, ligt even stil op het asfalt.

Advertenties

Waarom een aanval op een vliegveld meer is dan schade

Je moet het vanuit Rotterdam zien om het te voelen. Rotterdam leeft van de gedachte dat schepen komen en gaan, dat vliegtuigen landen, dat handel voorspelbaar is. De Maas stroomt omdat er beweging is. Als je die beweging stillegt, leg je de stad stil. Dat is wat er nu in Riyadh gebeurt.

MBS heeft zijn hele Vision 2030 daaraan opgehangen. Geen olie meer als enige inkomstenbron, maar toerisme, entertainment, tech, financiële diensten. Grote conferenties als het Future Investment Initiative en het World Petroleum Congress moeten de wereld naar Riyadh halen. CEO’s van ExxonMobil, TotalEnergies, Shell en BP zouden er staan. Nu zeggen ze af. Niet omdat ze geen zaken willen doen, maar omdat hun veiligheidsteams zeggen dat je niet kunt landen op een luchthaven die onder vuur ligt. De schade is dus niet alleen de fysieke schade aan een terminal, het is de schade aan vertrouwen. En vertrouwen is de enige valuta die Vision 2030 echt nodig heeft.

Hormuz en de Rode Zee: twee kelen dichtgeknepen

Buiten de propaganda over en weer is de kaart simpel. Saoedi Arabië wordt van twee kanten gewurgd.

Aan de oostkant is er de Straat van Hormuz. Daar is het niet de Houthi die actief is, maar Iran zelf. Sinds eind september zijn daar minstens 12 aanvallen geweest op olie-, LNG- en LPG-tankers in één week, het hoogste aantal sinds de oorlog tussen de VS, Israël en Iran op 28 februari begon. Schepen als de AL FUNTAS, SINBAD, MERSIN PROSPERITY en KAZIMAH III zijn beschadigd geraakt. Eén containerschip zonk zelfs na het raken van een mijn. Het aantal doorvaarten daalde in een week met 22,7 procent, van 203 naar 157 schepen. Op 11 oktober ging er volgens Kpler nog maar 2,9 miljoen vaten per dag door Hormuz, tegen 20,8 miljoen op 8 oktober.

Mohammed bin Salman

Aan de westkant is er de Rode Zee en de Bab el-Mandeb. Dat is het werkterrein van de Houthi. Zij hebben volgens Saoedische media de zeestraat dicht gemijnd en kondigden een expliciete blokkade af tegen alle scheepvaart gelinkt aan Saoedi Arabië. Het resultaat is dat zes Saoedische supertankers in de Golf van Aden rechtsomkeert hebben gemaakt en nu kiezen voor de omweg om Kaap de Goede Hoop. Trackingdata van LSEG en MarineTraffic bevestigt het. De Saoedische export via de Rode Zee is sinds maart met 41 procent gedaald.

Voor een land dat leeft van oliewinning is dat dodelijk. De olie moet eruit, of via Hormuz naar Azië, of via de Rode Zee naar Europa. Als beide routes onder druk staan, betaal je meer voor verzekeringen, meer voor brandstof, en heb je minder tankers beschikbaar omdat ze weken langer onderweg zijn. Analisten melden dat 419 schepen momenteel worden omgeleid. De EIA berekende al in maart dat 9 miljoen vaten per dag, 11 procent van alle olie die over zee gaat, nu al om Afrika moet. Dat is de wereldwijde handel die via een omweg moet.

Hoeveel is er echt vernield?

Hier moet je de ruis uitzetten. De Houthi’s claimen veel. Hun woordvoerder Yahya Saree zei dat ze in 24 uur vier grote doelen hadden geraakt: een gasfabriek in Shedgum, een olie-installatie in Tanajib, de Aramco-faciliteiten in Dhahran en een raffinaderij in Riyadh. Er zouden branden zijn uitgebroken.

Wat Saoedi Arabië zelf bevestigt is veel kleiner. Op 13 oktober raakte een ballistische raket een administratief kantoorgebouw op het hoofdkwartier van Aramco in Dhahran. Het ministerie van Energie spreekt van een beperkte brand, geen doden, geen gewonden. De CEO van Aramco zegt dat het productiesysteem intact is. De Oost-West pijpleiding is preventief stilgelegd, niet opgeblazen. Er is dus tot nu toe nul productie-installatie vernield.

Dat is anders dan in 2019 bij Abqaiq, toen 5,7 miljoen vaten per dag werd stilgelegd, meer dan de helft van de productie. De markt weet dat verschil. Brent steeg na de aanval van 13 oktober maar 0,35 procent. De echte dreiging is niet de schade van vandaag, maar de belofte van morgen. De Houthi’s zeggen nu openlijk dat alle Aramco-locaties legitieme doelen zijn en roepen personeel op te evacueren. Dat alleen al jaagt de risicopremie omhoog.

De rekening: inkomstenverlies dat je in de straten voelt

En dan de vraag die in Rotterdam net zo relevant is als in Riyadh: wat kost dit? Saoedi Arabië communiceert geen dagverlies, maar de cijfers stapelen zich op.

Advertenties

Het IMF heeft zijn prognose voor Saoedi Arabië voor 2026 bijgesteld van 1,7 procent groei naar 3,3 procent krimp. Dat is de eerste jaarlijkse krimp sinds eind 2023. In het tweede kwartaal van 2026 kromp het BBP al met 4,8 procent jaar-op-jaar, vooral omdat de olie-activiteit met 21,6 procent instortte. De non-olie economie hield zich nog net staande met plus 0,9 procent.

Het begrotingstekort loopt op. Fitch en het ministerie zelf rekenen op 165 miljard riyal, zo’n 44 miljard dollar, 3,3 procent van het BBP. Bank Citi is somberder en rekent op 395 miljard riyal, 105,3 miljard dollar, 7,7 procent van het BBP. De reden is simpel: defensie-uitgaven schieten omhoog terwijl de inkomsten uit oliewinning en handel dalen door lagere exportvolumes en duurdere routes.

Paradoxaal genoeg kromp het tekort in Q2 juist met driekwart, omdat de olieprijs door de oorlog steeg naar 104 tot 106 dollar. Hogere prijs compenseert even minder volume. Maar dat is een tijdelijke pleister. De staat geeft 1,3 biljoen riyal, 350 miljard dollar, per jaar uit en houdt dat vast tot 2027 voor projecten als NEOM. Als je tegelijkertijd meer moet uitgeven aan Patriot-raketten en interceptors, en minder binnenkrijgt omdat je tankers om Afrika heen moeten, dan vreet dat aan je toekomst.

Dat is de analyse die landt in tastbare gevolgen. In Rotterdam zie je het terug aan de pomp, aan de containerprijzen, aan de gesprekken op de markt over stijgende kosten. Een oorlog duizenden kilometers verderop duwt de prijs van alles wat over de Maas komt omhoog. De veiligheid van een luchthaven in Riyadh bepaalt of een gezin in Feijenoord of in Paramaribo meer betaalt voor boodschappen. De handel is geen abstracte grafiek, het is de extra euro die je kwijt bent.

Houthis and Saudis escalate attacks: Yemen civil war latest

Waarom religie niet het hele verhaal is

In de reacties duikt vaak op dat het een religieuze oorlog is. De Houthi’s zijn Zaydi, een tak binnen de sjiitische islam, Saoedi Arabië is overwegend soennitisch, Iran is sjiitisch en steunt de Houthi’s. Dat klopt deels. De Houthi’s begonnen in de jaren negentig als religieuze opwekkingsbeweging in Noord-Jemen en voelden zich gemarginaliseerd door de centrale regering.

Maar de kern is macht, geen theologie. De Houthi’s verzetten zich tegen wat zij zien als buitenlandse inmenging, Saoedi Arabië vreest een door Iran gesteunde militie aan zijn zuidgrens die de controle over de Rode Zee kan bedreigen. Iran gebruikt de Houthi’s als strategisch instrument, een pion op het schaakbord tegen Saoedi Arabië, en levert politieke, financiële en militaire steun, al ontkent het zelf directe militaire betrokkenheid. Het sektarische verhaal wordt door beide kanten gebruikt om strijders te mobiliseren, maar de oorlog wordt uitgevochten om havens, pijpleidingen en invloed, niet om gebeden.

Het resultaat is een land dat klem zit tussen twee zeestraten die allebei onveilig zijn gemaakt, een kroonprins wiens droom van een post-olie toekomst afhankelijk is van het idee dat zijn land veilig is, en een wereldwijde handel die opnieuw leert dat om Afrika varen niet alleen langer duurt, maar ook duurder is. Van de Maas tot de Rode Zee, de rekening wordt overal betaald.

Reacties

Geef een reactie