Rotterdam, 7 oktober 2026 – De rekening van de straat wint het nooit van de feed.
De Kamer telt, de feed schreeuwt
In Brussel zit de federale overheid met een gat van 10 miljard dat voor 2026 gedicht moet worden, terwijl in Rotterdam langs de Maas de mensen dezelfde rekensom maken aan de keukentafel. De Kamer debatteert droog, zonder muziek, over index, accijnzen en lasten op arbeid, maar op sociale media draait een heel andere film. Daar brandt Frankrijk alweer, daar is het vandaag 7 oktober en drie jaar na het bloedbad van Hamas in Israël zijn er officiële herdenkingen en tegendemonstraties in Berlijn en Amsterdam. De samenloop is geen toeval van de kalender, het is het ritme van de straat versus het ritme van de tijdlijn. Het ene is traag en taai, het andere is snel en schreeuwt om aandacht. Wie alleen de tijdlijn volgt, denkt dat de wereld elke dag in brand staat. Wie alleen de Kamer volgt, ziet dat de echte brand in de portemonnee zit.
Inflatie die niet op de loonstrook past
De Europese Centrale Bank stelde haar eigen prognoses bij naar 3,0 procent inflatie in 2026 en 2,3 procent in 2027, waar eerder nog werd gerekend op 2,6 en 2,0 procent. Het CPB in Nederland schrijft er in dezelfde toelichting bij dat hogere energieprijzen ervoor zorgen dat de inflatie rond de 3 procent blijft hangen, waardoor de koopkracht lager uitvalt dan eerder verwacht. Voor 2027 komt datzelfde CPB uit op een gemiddelde koopkrachtdaling van 0,1 procent. In België voelt dat verhaal nog harder omdat we een automatische index hebben die altijd te laat komt. De prijzen stijgen vandaag in de supermarkt, de index volgt pas twee tot drie maanden later op de loonstrook. De loongroei zakt volgens de ECB van gemiddeld 3,4 procent in 2025 naar 2,7 procent in 2026 en 2027. Als de winkel 3 procent duurder wordt en je loon 2,7 procent hoger, ga je achteruit, ook al staat er zwart op wit dat je meer verdient. Dat is geen theorie, dat is het werkvolk in Spangen, in Charleroi, in Paramaribo-Noord dat aan het einde van de maand rekent en ziet dat de basis op is.
Wanneer de toplaag via bezit rijker wordt

De vraag is niet of we elk jaar armer worden. Op lange termijn zijn we in Nederland en Vlaanderen rijker geworden, in België steeg de koopkracht in de vorige legislatuur volgens KU Leuven nog met ruim 5 procent dankzij die index. De vraag is via welke weg je rijk wordt. Wie een huis heeft, zag dat huis in vijf jaar 30 procent meer waard worden. Wie aandelen heeft, zag de beurzen naar records gaan. Wie alleen van zijn loon leeft, heeft alleen die 2,7 procent index. Daarom klopt die zin op straat: de toplaag wordt rijker, niet wij. Niet omdat je loon daalt, maar omdat bezit harder stijgt dan arbeid. En arbeid is in België het zwaarst belast ter wereld. Om 100 euro netto te geven, moet een werkgever 252 euro betalen. Meer dan de helft gaat naar de staat. Vermogen wordt in verhouding minder belast dan een uur werken in de haven, in de logistiek, in de zorg. Dat is de reden dat zowel links als rechts in de Kamer hetzelfde zegt: werken moet meer lonen, maar niemand is het eens over waar die 10 miljard vandaan moet komen. Moet het van vermogen komen of moeten de lasten op arbeid omlaag om bedrijven hier te houden.
Een pakje peuken duurder dan de straat
En dan kom je op de Rotterdamse vergelijking die iedereen op de hoek maakt. Een pakje sigaretten kost in België nu 10 tot 11 euro voor twintig stuks. Meer dan 80 procent daarvan is accijns en btw, bewust duur gemaakt om roken te ontmoedigen. Tegelijkertijd is Antwerpen de grootste importhaven voor cocaïne in Europa en ziet Europol dat er industriële hoeveelheden binnenkomen. Het gevolg is dat de straatprijs daalt en de zuiverheid stijgt. In Antwerpen, Brussel en Charleroi wordt op straat al gesproken over 40 tot 50 euro per gram. Dan is een snuif goedkoper dan een pakje peuken. Dat is geen reclame, dat is een pervers signaal van beleid. Legaal genot wordt duurder gemaakt met taksen, illegale handel wordt goedkoper door overaanbod. De politie rolt recordvangsten op en toch zakt de prijs. Voor het werkvolk voelt dat krom. Je betaalt je scheel aan legale dingen, je ziet dat illegale dingen makkelijker beschikbaar zijn, en je vraagt je af waar je nu eigenlijk voor werkt. Het is ook de reden dat de gezondheidsrisico’s groter worden, want de zuiverheid schommelt van 20 tot meer dan 80 procent en er wordt versneden met levamisol en andere troep. Wat de ene keer weinig doet, kan de andere keer je hart laten stoppen.
Schnabbelen om op de basis te blijven
Voeding is in drie jaar 25 tot 30 procent duurder geworden. Dat is geen 2 procent inflatie op papier, dat is de kar bij de Lidl of de Jumbo die voor hetzelfde geld half leeg is. Daarom moeten er schnabbels bij. In België heet dat officieel flexijob, meer dan 80.000 mensen doen het legaal, daarnaast is er het grijze circuit van klusjes, bezorgen, platformwerk. Zonder die schnabbels heb je precies de basis, en dat is het overgrote deel. Dat brengt ons bij de werkloosheidsval waar de Kamer al jaren over praat. Als alleenstaande zonder kinderen met een laag loon van 1.800 tot 2.000 euro netto hou je na huur, energie en boodschappen amper 200 tot 300 euro meer over dan iemand met een werkloosheidsuitkering plus huurtoeslag, verhoogde tegemoetkoming en sociaal tarief. Dat is geen mening van de straat, dat is de rekensom van VDAB en vakbonden. De uitkeringen zijn in België relatief hoog aan het begin, de lasten op lage lonen zijn het hoogst in Europa. Dus is werken duur voor de baas en levert het netto weinig extra op voor de werknemer. Daarom blijven mensen werken voor pensioenopbouw, voor anciënniteit, voor waardigheid, maar het verschil met de uitkeringstrekker is voor velen te klein om van te leven. En wie dan extra uren draait, gaat snel naar 50 procent belasting op dat extra uur, waardoor zwart werk aantrekkelijker wordt dan overuren.
Frankrijk als soap, Dallas op de Maas
En zo komen we bij Frankrijk van het moment. Elke avond staat de feed in brand, scholen in brand, politie in de straat, net als de rellen die we eerder zagen. Wie goed kijkt, ziet dat veel beelden oud zijn, van 2021, of zelfs AI zijn. Maar het ritme is hetzelfde als vroeger Dallas en Dynasty om acht uur. Iedereen wist dat JR niet bestond, maar je keek toch en de volgende dag had je een verhaal op het werk. Nu is Facebook je Dallas. Frankrijk is de dagelijkse aflevering, 7 oktober is de herdenkingsaflevering, koopkracht is de cliffhanger die nooit wordt opgelost. Bij Dallas wist je dat je naar soap keek. Bij sociale media denk je dat je naar het journaal kijkt. Daarom is de meest nuchtere houding om Frankrijk even als soap te zien. Voetbal kijken, ontspannen, loslaten. Niet omdat wat daar gebeurt niet erg is, die scholierenprotesten zijn echt en de woede over koopkracht is echt, maar omdat je er in je huiskamer in Rotterdam, in Antwerpen, in Suriname weinig aan verandert door je erin te laten meeslepen. De echte beslissingen vallen niet in de comments, maar in de Kamer, zonder muziek, zonder vlaggen. Wie daar af en toe naar kijkt, ziet dat de discussie over baan, veiligheid, werkende klasse en koopkracht veel saaier is dan de feed, maar wel de enige plek waar je loon wordt bepaald.





Plaats een reactie