Crooswijk wijkraad De Nieuwe Branding conflict regels binnenterrein gemeente Rotterdam

De bal die geen bal meer is in de Isaäc Hubertstraat

Rotterdam – In de driehoek tussen Hendrik de Keyzerstraat, Linker Rottekade en de Isaäc Hubertstraat in Oud-Crooswijk ligt een binnenterrein. Niet groot. Een paar heggetjes die met subsidie en met bewonershanden zijn neergezet, een zandbak, een bankje, een stukje groen dat Havensteder en de gemeente Rotterdam ooit samen met de bewoners hebben afgesproken te beheren. De afspraak was simpel en stond in het convenant: dit is een tuin voor iedereen, met voorrang voor de allerkleinsten. Daarom is voetballen hier niet toegestaan. Niet uit betutteling, maar uit noodzaak. Een harde bal in het gezicht van een peuter van twee, een kapotgetrapte beplanting die niemand meer herstelt, en een plek waar ouders met een buggy zich niet meer veilig voelen. Dat is de kern van die regel. Het Frederiksplein is er juist wel voor. Verhard, hekjes, ruimte. Twee minuten lopen. Daar kan worden uitgehaald zonder dat iemand er last van heeft.

Advertenties

Waarom de ouderen het glijbaantje al kennen

Wie er al veertig jaar woont in Oud-Crooswijk kent het verloop. Het begint met kleine kinderen die even tegen een bal trappen. Dat lijkt onschuldig. Dan komen de grotere kinderen uit de buurt erbij, want die zien ruimte. Daarna de pubers. Die nemen niet alleen een bal mee, maar ook een box, een hangplek, avondgeluid. Wat begon als spel wordt overlast. Dat is geen aanname, dat is de geschiedenis van veel binnenterreinen in Noord, in Crooswijk en daarbuiten. Havensteder kent die dossiers, de gebiedsregisseurs van de gemeente Rotterdam kennen ze, de wijkraad hoort ze al jaren. Het binnenterrein verandert dan van gezamenlijke tuin naar voetbalveldje en vervolgens naar plek die niemand meer gebruikt. De saamhorigheid die het moest brengen verdwijnt. De beplanting gaat kapot, het onderhoud stokt, de gemeente moet er weer bij, Havensteder moet herstellen, en de bewoners die er het langst wonen trekken zich terug achter de voordeur. Die ervaring zit bij de oudere bewoners in het lichaam. Zij hoeven het niet uitgelegd te krijgen.

14 juli in De Nieuwe Branding en de verschuiving van het gesprek

Op 14 juli werd dit onderwerp aanhangig gemaakt in de wijkraad in De Nieuwe Branding. Een wijkbewoner meldde dat er tegen de afspraken in wordt gevoetbald op het binnenterrein. Wat daarna gebeurde is het patroon dat veel Rotterdamse wijkraden de laatste jaren zien. De melding ging niet meer over gedrag, maar over personen. Er werd gesproken over een bepaalde groepering die zich niet aan de regels zou houden. Direct daarna werd de racismekaart getrokken. De discussie verschoof van het convenant naar de vraag wie hier mag oordelen over wie. In diezelfde vergadering zat een wijkraadslid dat lid is van PRO Rotterdam, de gezamenlijke fractie van GroenLinks en PvdA in de Rotterdamse gemeenteraad op de Coolsingel. Zij sprak niet alleen als wijkbewoner, maar werd door aanwezigen ervaren als iemand die sprak namens haar partij op het stadhuis. Daar kwam de cynische vraag vandaan die door de zaal ging: zit je hier namens de gemeenteraad of namens jezelf en je naaste buren als wijkbewoner? De vraag viel verkeerd, maar legt precies de dubbele pet bloot waar veel wijkraden in Rotterdam mee worstelen sinds de invoering van de 39 wijkraden in 2022.

Woonplaats, draagvlak en de vraag wie er aan tafel hoort

Voetballen doen we ergens anders

Die spanning werd groter toen bleek dat dit wijkraadslid volgens bewoners niet in Oud-Crooswijk woont, maar aan de Goudse Rijweg aan de kant van het Veemarktterrein. Dat is een ander wijkraadgebied dan Oud-Crooswijk. Volgens de Verordening op de wijkraden 2022 moet een wijkraadslid woonachtig zijn in de wijk waarvoor hij of zij is gekozen. Wijkraden zijn bedoeld als bewonersvertegenwoordiging, geen stedelijke politieke arena. Als een lid zich dan nadrukkelijk mengt in dossiers die haar eigen directe leefomgeving niet raken, zoals het binnenterrein tussen Hendrik de Keyzerstraat en Linker Rottekade, en als zij daarbij wordt gezien als medestander van de bewoonster die de voetbalafspraak moedwillig overtreedt, dan voelt dat voor bewoners als inmenging van buiten. Het doet er dan niet meer toe of PRO Rotterdam groen en sociaal beleid voert. Het gaat erom dat de procedure niet klopt. Een regel die is afgesproken tussen gemeente Rotterdam, Havensteder en de direct omwonenden kan alleen worden veranderd door diezelfde drie partijen aan tafel, niet via een omweg via de wijkraad.

De verkeerde route en de ruis in communicatie

Het kernprobleem dat bewoners benoemen is strategisch. Wie een regel wil veranderen, kaart dat aan tijdens een vergadering, doet een voorstel en zoekt draagvlak. Wat hier gebeurde was het omgekeerde. De regel werd moedwillig overtreden. Toen daar wat van werd gezegd, was het antwoord: we leven hier naar jouw regels. Daarmee werd een collectieve beheersafspraak persoonlijk gemaakt. Het waren niet meer de regels van het binnenterrein, maar de regels van die ene buur die wat durfde te zeggen. Vanuit die positie werd vervolgens gezocht naar medestanders buiten het blok, waaronder dus dat wijkraadslid van PRO. Dat is geen tactische verandering, dat is een machtsstrijd en die levert ruis op. Ruis in communicatie is in Oud-Crooswijk voelbaar in het dagelijkse straatritme. De wind vanaf de Maas die door de Hubertstraat waait, de rattenplaag die in de zomer altijd weer terugkomt als groen niet wordt onderhouden, de jongerenoverlast die elders in Crooswijk al speelt, het zijn allemaal dossiers die om dezelfde ambtenarij en dezelfde wijkraad vragen. Als dan ook nog de omgangsvormen onder druk staan, wordt elke melding zwaarder.

Oud en jong, opvoeding en het verschil in hoe je een regel ziet

De spanning tussen oudere en jongere bewoners is voelbaar in de hele stad, maar in een klein binnenterrein komt het hard aan. Ouderen die er veertig jaar wonen hebben geleerd dat gedeeld bezit alleen werkt als je de zwakste beschermt. Jongeren, vaak jonge ouders, hebben in een andere onderwijstijd andere sociale codes meegekregen. Meer gericht op individuele ontplooiing, minder op het automatisch schikken naar een collectief. Dat is geen waardeoordeel, maar een verschuiving die ook in de zorg wordt gezien waar veel oudere bewoners hun scholing hebben gehad. Het resultaat is een andere kijk op opvoeding van kinderen. Voor de een is opvoeden: leren dat je niet overal kunt voetballen omdat een ander er last van heeft. Voor de ander is opvoeden: mijn kind moet kunnen spelen waar het wil. Beide visies zijn begrijpelijk, maar ze hebben concrete gevolgen in de straat. Als de afspraak niet wordt gehandhaafd, is het gevolg tastbaar: minder veiligheid voor peuters, minder rust voor ouderen die overdag op het bankje willen zitten, minder groen dat overeind blijft, en uiteindelijk minder cohesie. In de Isaäc Hubertstraat groeten buren elkaar nu niet meer. Dat is geen kleinigheid. In een Rotterdamse straat is groeten de eerste vorm van sociale controle en van veiligheid.

Reacties

Plaats een reactie